Het niet-onderwijzend personeel van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (MinOWC) dreigt met landelijke acties. Indien de bond niet wordt gehoord en er geen concrete oplossingen komen, zal binnen 24 uur worden overgegaan tot landelijk beraad. Dat zei Giovanni Beek, voorzitter van de Bond Personeel van het Ministerie van Onderwijs (BPMO), dinsdag tijdens een persconferentie.
Volgens Beek wacht het personeel nog altijd op de uitbetaling van verschillende toelagen en vergoedingen. De bond heeft hierover geruime tijd onderhandeld met de leiding van het ministerie, maar volgens de voorzitter hebben die gesprekken geen resultaat opgeleverd.
Beek somde tijdens de persconferentie een reeks knelpunten op. Zo zijn de vergoedingen voor zon- en feestdagen over de jaren 2021, 2022, 2023 en 2024 volgens hem nog steeds niet uitbetaald, ondanks eerdere toezeggingen. Ook bestaat er onduidelijkheid over de 10 procent meerwerkvergoeding, die voor twee jaar aan het personeel was toegekend. Deze regeling loopt binnenkort af, maar de bond wil duidelijkheid over wat daarna met deze vergoeding zal gebeuren.
Onjuiste inschaling en achterstallige betalingen
Een ander probleem is volgens Beek dat nog altijd veel werknemers onjuist zijn ingeschaald. Daardoor zouden achterstanden zijn ontstaan in de salarissen. Daarnaast werken er volgens de bond nog steeds personeelsleden langer dan twee jaar op basis van een arbeidsovereenkomst, terwijl hun vaste aanstelling volgens Beek al lang geregeld had moeten zijn.
Ook de huldigingen en gratificaties voor werknemers met 25 of 30 dienstjaren laten volgens de BPMO te lang op zich wachten. “Mensen sterven, maar hebben hun gelden nog steeds niet ontvangen”, zei Beek.
De bond hekelt verder de hoogte van de vervoerstoelage voor controleurs. Die bedraagt volgens Beek slechts SRD 500 per maand en is al geruime tijd achterhaald. “Hoe moeten de controleurs met dit bedrag hun werk naar behoren doen?”, vroeg hij zich af. Ook de kledingtoelage wordt volgens de bond niet op tijd uitbetaald.
Personeelstekort op scholen
Beek wees daarnaast op de hoge werkdruk onder schoonmaaksters en wachters. Volgens hem is er sprake van een groot personeelstekort. Op sommige scholen worden slechts twee tot drie schoonmaaksters ingezet, terwijl ook bij de wachters te weinig personeel beschikbaar is.
Volgens de BPMO ontbreken bovendien voldoende faciliteiten om scholen veilig te houden. Beek wees onder meer op hoog gras rondom schoolterreinen, slechte verlichting en situaties waarbij één persoon wordt ingezet op plekken waar volgens de bond vier tot vijf personeelsleden nodig zijn.
Ook op administratieve afdelingen is er volgens de bond sprake van een tekort aan personeel. Door de opeenstapeling van problemen neemt de motivatie onder werknemers verder af, aldus Beek. De BPMO eist daarom dat het ministerie op korte termijn met concrete oplossingen komt.












