Het Willebrod Axwijk Sport en Jeugdcentrum, beter bekend als SOSIS, wordt na jaren van verval opnieuw aangepakt. Het ministerie wil het terrein herstellen, veiliger maken en de negen sportvelden weer breed toegankelijk maken voor sporters, verenigingen en buurtbewoners.
De werkzaamheden aan het SOSIS sportcentrum zijn inmiddels ongeveer drie weken gaande. Op het terrein wordt hoog gras verwijderd, worden bomen en struiken gesnoeid en wordt afval opgeruimd. Ook het gebouw dat in juni 2025 door brand werd verwoest, wordt verwijderd. Daarmee probeert het ministerie van Jeugdontwikkeling en Sport een eerste grote schoonmaak en herstelronde uit te voeren.
Bij de aanpak zijn meerdere overheidsdiensten betrokken. Het directoraat Openbaar Groen en Afvalbeheer ondersteunt de schoonmaakwerkzaamheden, terwijl de Surinaamsche Waterleiding Maatschappij moet helpen om het aanhoudende waterprobleem op het complex op te lossen. Volgens de Communicatiedienst Suriname is een integrale aanpak nodig, omdat alleen maaien en opruimen niet voldoende is om het terrein duurzaam bruikbaar te maken.
Jorgienjo Orassie, hoofd Beheer en Onderhoud van het onderdirectoraat Sportaccommodaties en Ruimtes, zegt dat het complex lange tijd volledig verwaarloosd erbij lag. Het complex telt negen sportvelden. Het streven is volgens hem om het centrum weer open en bruikbaar te maken voor verschillende takken van sport.
SOSIS sportcentrum raakte niet plotseling in verval
Volgens Orassie is het recente verval mede het gevolg van het langdurige rechtsgeschil tussen de Staat Suriname en een stichting die het beheer van het complex voerde. Door die strijd ontstond onduidelijkheid over de feitelijke zeggenschap, het onderhoud en de exploitatie van het terrein. De juridische kwestie legde daarmee extra druk op een sportcomplex dat al veel langer met onderhoudsproblemen kampte.
Eerdere berichtgeving laat namelijk zien dat de achteruitgang van SOSIS niet pas met het conflict rond Stichting Florentina begon. Al in 2018 werd gemeld dat meerdere velden onder hoog wied stonden en nauwelijks bespeelbaar waren. Ook het grote gebouw dat sinds 2012 als onderkomen voor het toenmalige ministerie van Sportzaken was gepland, kwam nooit volledig af en raakte in de jaren daarna verder in verval.
Eerdere investeringen konden achteruitgang niet keren
Ondanks de problemen zijn in de afgelopen jaren verschillende investeringen gedaan. Key News berichtte in augustus 2024 over een carport met een zonne-energiesysteem van 5 kilowatt, bedoeld om de verlichting en veiligheid op het terrein te verbeteren. In datzelfde jaar werd ook aandacht gevraagd voor de slechte staat van het basketbalveld, waardoor sporters met een beperking voor hun activiteiten moesten uitwijken naar andere accommodaties.
De bestuurlijke problemen namen in 2025 toe. Stichting Florentina stelde dat zij vanaf 12 maart 2025 op basis van een overeenkomst voor vijf jaar verantwoordelijk was voor het beheer. De nieuwe leiding van het ministerie stelde later echter dat afspraken uit die overeenkomst niet waren nagekomen. Volgens het ministerie waren de toegangspoorten afgesloten, waren er zonder toestemming bouwsels geplaatst en werd het vrije gebruik van de faciliteiten door jongeren, verenigingen en buurtbewoners belemmerd.
De juridische strijd kwam bovenop jaren van achterstallig onderhoud en kwetsbare voorzieningen.
Rechter gaf Staat voorlopig beheer terug
Het geschil belandde uiteindelijk bij de rechter. In een kort geding werd op 9 juli 2026 beslist dat de beheersovereenkomst voorlopig werd geschorst. Stichting Florentina moest het complex verlaten en mocht geen betalingen meer innen voor het gebruik van de sportterreinen en faciliteiten. Key News meldde eerder dat de stichting daarnaast werd veroordeeld tot betaling van SRD 10.550 aan proceskosten.
Die uitspraak betekende niet dat de overeenkomst toen al definitief was ontbonden. De bodemprocedure moet nog duidelijkheid geven over de definitieve beëindiging. Wel kreeg het ministerie door het kort geding weer ruimte om het dagelijkse beheer uit te voeren. Op 30 juli maakte Jeugdontwikkeling en Sport bekend dat beheer, onderhoud en exploitatie opnieuw onder zijn verantwoordelijkheid waren gebracht en dat gebruikers zich bij de aangewezen beheerder moesten melden.
Diefstal en vernieling bedreigen herstel SOSIS sportcentrum
Orassie wijst op herhaalde diefstallen en vernielingen. Apparatuur en voorzieningen die worden aangebracht, lopen volgens hem het risico kort daarna te worden gestolen. “Als we vandaag een hydrofoor plaatsen, wordt het over twee dagen gestolen”, zegt hij over de kwetsbaarheid van nieuwe voorzieningen.
Ook zwervers en personen die het terrein voor andere doeleinden gebruiken, zorgen volgens het ministerie voor overlast en extra schade. Om die reden wordt met het ministerie van Justitie en Politie gesproken over ondersteuning van de politie. Orassie ziet graag een politiehulppost op of nabij het terrein, zodat toezicht sneller kan worden georganiseerd en gebruikers zich veiliger kunnen voelen.
Herstel vraagt ook structureel beheer en beveiliging
Voor de overheid is herstel van het SOSIS sportcentrum van belang omdat Paramaribo behoefte heeft aan toegankelijke sportvoorzieningen voor jongeren, verenigingen en recreanten. Orassie wil dat het complex uiteindelijk weer uitgroeit tot een van de betere sportlocaties van Suriname. Hij doet tegelijk een beroep op gebruikers en buurtbewoners om vernielingen, diefstal en misbruik van het terrein te melden en mee te helpen de accommodatie netjes te houden.
De werkzaamheden worden momenteel uitgevoerd met steun van Openbaar Groen en Afvalbeheer, terwijl voor het waterprobleem samenwerking met de SWM wordt gezocht. Voor de veiligheid wordt gekeken naar ondersteuning vanuit Justitie en Politie. Daarmee probeert het ministerie onderhoud, nutsvoorzieningen en toezicht tegelijk aan te pakken, zodat nieuwe investeringen niet opnieuw verloren gaan.
Nieuwe kans voor sporters in Paramaribo
Of de aanpak duurzaam resultaat oplevert, zal vooral afhangen van de vraag of na de schoonmaak ook structureel geld, toezicht en duidelijk beheer beschikbaar blijven. De geschiedenis van SOSIS laat zien dat losse renovaties en incidentele investeringen niet voldoende zijn wanneer onderhoud, veiligheid en verantwoordelijkheid niet tegelijk worden geregeld. Voor sporters en buurtbewoners wordt vooral belangrijk of het herstel deze keer op langere termijn wordt vastgehouden.








