De uitgaven van de Surinaamse overheid zijn in 2025 met 52,6 procent gestegen tot SRD 66,1 miljard. Daarmee namen de overheidsuitgaven aanzienlijk sneller toe dan de inkomsten, die met 31,9 procent groeiden tot SRD 52 miljard. Het begrotingstekort liep op tot 7,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Dit blijkt uit het Rapport Financiële Stabiliteit van oktober 2026 van de Centrale Bank van Suriname (CBvS).
Volgens de Centrale Bank werd de sterke stijging van de overheidsuitgaven voornamelijk veroorzaakt door hogere loonkosten, verkiezingsgerelateerde uitgaven, toenemende rentelasten en de herkapitalisatie van de CBvS.
Vooral de algemene verkiezingen van mei 2025 droegen bij aan de verhoogde overheidsbestedingen. Daarnaast moest de overheid middelen beschikbaar stellen voor de herkapitalisatie van de Centrale Bank.
SRD 9,4 miljard voor herkapitalisatie CBvS
Uit het rapport blijkt dat de overheid in 2025 een bedrag van SRD 9,4 miljard heeft besteed aan de herkapitalisatie van de CBvS. Deze operatie hield verband met de financiële resultaten van de bank over de boekjaren 2021 en 2022.
De herkapitalisatie was aanvankelijk niet opgenomen in de overheidsbegroting en zorgde daardoor voor aanvullende begrotingsdruk.
De Centrale Bank maakt in haar analyse ook een onderscheid tussen de totale overheidsuitgaven en de uitgaven zonder deze bijzondere financiële operatie.
Wanneer de herkapitalisatie buiten beschouwing wordt gelaten, bedroegen de overheidsuitgaven SRD 56,7 miljard. Dat komt neer op een stijging van 30,9 procent ten opzichte van 2024.
Zonder de herkapitalisatie zou het begrotingstekort volgens het rapport 2,5 procent van het bbp hebben bedragen, terwijl op de primaire rekening een overschot van 0,7 procent zou zijn gerealiseerd.
Begrotingssaldo sterk verslechterd
De verslechtering van de overheidsfinanciën komt ook tot uiting in het primaire begrotingssaldo. Dit veranderde van een overschot van 0,3 procent van het bbp in 2024 naar een tekort van 4,2 procent in 2025.
Het primaire saldo geeft het verschil weer tussen de overheidsinkomsten en de uitgaven, zonder de rentelasten op de staatsschuld.
Hoewel de overheid in 2025 meer inkomsten ontving uit belastingen, dividenden en royalty’s, was deze groei onvoldoende om de stijging van de totale uitgaven te compenseren.
De hogere belastinginkomsten hielden volgens de CBvS onder meer verband met toegenomen economische bedrijvigheid, meer importen en hogere consumptie.
Overheid gebruikte tegoeden en buitenlandse financiering
Om haar uitgaven te financieren, maakte de overheid naast de reguliere inkomsten gebruik van tegoeden bij financiële instellingen, buitenlandse leningen en financiering via de internationale kapitaalmarkt.
Volgens de Centrale Bank werd vooral in het laatste kwartaal van 2025 geprobeerd de overheidsfinanciën door middel van een terughoudender beleid te beheersen.
Voor 2026 ging de bank in haar analyse uit van een geleidelijke verbetering van het begrotingssaldo. Daarbij werd onder meer rekening gehouden met het wegvallen van tijdelijke verkiezingsuitgaven en de herkapitalisatie van de CBvS.
De Centrale Bank waarschuwt echter dat internationale spanningen, hogere energieprijzen en de daarmee samenhangende economische onzekerheid nieuwe druk kunnen uitoefenen op de begroting.







