De regering wil het geraamde begrotingstekort van SRD 10,8 miljard voor 2027 terugdringen door de overheidsuitgaven beter te beheersen en meer inkomsten te innen. Minister Adelien Wijnerman van Financiën en Planning zegt dat het uitgangspunt is om niet direct nieuwe leningen aan te gaan om het tekort te dekken.
Wijnerman lichtte het financiële beleid dinsdag 6 oktober toe in het programma Jaarrede Toegelicht van de Communicatie Dienst Suriname. Zij ging daarbij in op het financiële hoofdstuk van de jaarrede van president Jennifer Simons.
Voor 2027 zijn de overheidsinkomsten geraamd op SRD 70,1 miljard en de uitgaven op SRD 80,9 miljard. Het verwachte tekort bedraagt daarmee SRD 10,8 miljard, oftewel 4 procent van het bruto binnenlands product (bbp).
Volgens Wijnerman moet de overheid bij het doen van uitgaven steeds nagaan welke middelen beschikbaar zijn. “We gaan zo goed mogelijk onze uitgaven moeten beheersen. Dat wil zeggen, we stemmen steeds af: wat hebben wij aan middelen, voordat wij een begroting uitvoeren, voordat wij uitgaven doen”, aldus de minister.
Bij die uitgavenbeheersing moet rekening worden gehouden met de prioriteiten van de regering en met andere uitgaven die zich gedurende het jaar kunnen aandienen. Daarnaast wil het ministerie samen met de Belastingdienst en de douane de controle en inning verbeteren.
“Er is veel te innen aan belastingen. Maar hier en daar hebben we wat inefficiëntie”, zei Wijnerman. Extra inspanningen moeten volgens haar meer inkomsten opleveren en zo bijdragen aan het verkleinen van het tekort.
De regering wil ook voorkomen dat nieuwe betalingsachterstanden ontstaan. Die zouden volgens de minister extra druk leggen op de overheidsfinanciën.
Lenen voor investeringen
Wijnerman benadrukte dat eventuele leningen gericht moeten zijn op investeringen, bijvoorbeeld in de productiesector, de sociale sector en infrastructuur.
“Maar niet lenen in de consumptieve sfeer. Dat is niet waar we aan denken”, aldus de bewindsvrouw.
Als financiering nodig blijft, wil de regering eerst bekijken welke projecten en programma’s nog geen financiering hebben en welke andere financieringsbronnen daarvoor beschikbaar zijn. De overige staatsuitgaven moeten volgens Wijnerman worden betaald uit belastinginkomsten en niet-belastinginkomsten.








