De Nationale Assemblee heeft tijdens een openbare vergadering ingestemd met de in staat van beschuldigingstelling van drie gewezen ambtsdragers: Riad Nurmohamed, Gillmore Hoefdraad en Bronto Somohardjo. De vorderingen waren ingediend door de procureur-generaal en werden na behandeling in de commissie uiteindelijk in stemming gebracht.
Voorafgaand aan de stemming verklaarde Bronto Somohardjo dat hij geen politieke bescherming zoekt. Hij riep de leden zelfs op om vóór zijn in staat van beschuldigingstelling te stemmen. Volgens Somohardjo wil hij niet dat de indruk ontstaat dat hij zich achter de politiek verschuilt.
“Ik zoek geen bescherming bij de politiek en voor mij hoeft geen uitzondering te worden gemaakt. Ik wil juist dat men voor stemt. Bronto is hier en Bronto gaat nergens,” zei Somohardjo voor aanvang van de stemming.
DNA-voorzitter Ashwin Adhin onthield zich van stemming. Hij gaf aan dat er volgens hem onvoldoende gronden waren om vóór de vordering te stemmen. Adhin droeg de hamer vervolgens over aan vicevoorzitter Ivanildo Plein.
Nurmohamed krijgt 33 stemmen voor
Bij de behandeling van de vordering tegen Riad Nurmohamed waren er verschillende kritische geluiden. NDP-fractieleider Rabin Parmessar onthield zich van stemming, omdat er volgens hem nog te veel onduidelijkheden waren in het dossier. Ook BEP-parlementariër Harish Monorath Atompai gaf aan dat het om een zware beslissing ging. Als voormalig politieman zei hij geen voorstander te zijn van straffeloosheid, maar benadrukte hij dat bij zulke zware zaken het dossier duidelijk en goed onderbouwd moet zijn.
Parlementariër Sadi verklaarde zich eveneens te onthouden van stemming. Zij gaf aan zich niet te kunnen verenigen met de stukken van het Openbaar Ministerie, omdat volgens haar bepaalde juridische aspecten, waaronder bepalingen uit de Controlewet, onvoldoende waren meegenomen.
Ook parlementariër Jones wees erop dat de commissie volgens hem niet alle relevante politieke en bestuurlijke aspecten voldoende had onderzocht. Volgens hem gold dat niet alleen voor de zaak-Nurmohamed, maar ook voor de zaken-Hoefdraad en Somohardjo.
PL-voorzitter Paul Somohardjo verklaarde tegen de in staat van beschuldigingstelling van Nurmohamed te stemmen. Volgens hem moeten er geen politieke opofferingen worden gedaan en waren er missives die door hogere functionarissen waren ondertekend.
VHP-fractieleider Asiskumar Gajadien hield daarentegen vast aan het rechtsstatelijk beginsel. Volgens hem moet ook een partijgenoot zich voor de rechter kunnen verantwoorden. Hij stelde dat Nurmohamed zijn onschuld op een waardige manier voor de rechter moet kunnen bewijzen.
De vordering tegen Nurmohamed werd uiteindelijk aangenomen met 33 stemmen voor, 2 tegen en 4 onthoudingen.
Hoefdraad opnieuw onderwerp van politieke discussie
Bij de stemming over voormalig minister Gillmore Hoefdraad wees Parmessar erop dat het de derde keer is dat een vordering tot in staat van beschuldigingstelling tegen Hoefdraad is ingediend. Volgens hem waren er nog onbeantwoorde vragen over de verhouding tussen deze vordering en eerdere verzoeken. Ook bij deze stemming onthield Parmessar zich van stemming.
Sadi stemde tegen de vordering tegen Hoefdraad. Zij verwees onder meer naar eerdere afwijzingen door Interpol en noemde de kwestie op internationaal niveau problematisch. Ook haalde zij de veroordeling van Suriname in de zaak-Ramsamooj aan bij het Caribisch Hof van Justitie.
Vreedzaam sloot zich aan bij de bezwaren van Sadi en stemde eveneens tegen. Volgens hem zijn er onvolkomenheden in de vordering van de procureur-generaal en is het parlement onvoldoende geïnformeerd over de eerdere afwijzingen door Interpol.
Ingrid Bouterse stemde ook tegen. Zij stelde dat Suriname lidstaat is van Interpol en dat de kwestie-Hoefdraad politiek gekleurd is. Paul Somohardjo sprak van een “politiek circus” en wees erop dat Hoefdraad volgens hem al meerdere keren voor hetzelfde onderwerp is vervolgd of onderwerp van procedures is geweest. De PL stemde daarom tegen.
Daartegenover stelde VHP-parlementariër Mahinder Jogi Fatemohammed dat eerdere weigeringen van DNA politieke besluiten waren en geen rechterlijke vonnissen. Volgens hem moet het parlement de zaak doorsturen naar de rechterlijke macht, zodat die kan toetsen of vervolging terecht is.
Gajadien zei dat de beslissing in de zaak-Hoefdraad voor zijn fractie duidelijk was. Hij verwees naar het feit dat Hoefdraad al in een andere zaak is veroordeeld en stelde dat wie ervan wordt verdacht geld aan de samenleving te hebben onttrokken, onderzoek niet moet schuwen en voor de rechter moet verschijnen.
De vordering tegen Hoefdraad werd aangenomen met 29 stemmen voor en 5 stemmen tegen.
Somohardjo: “Niemand staat boven het volk”
De derde stemming ging over Bronto Somohardjo. Parmessar zei namens de NDP dat de vordering tegen Somohardjo volgens hem vage omschrijvingen bevat. Ook vroeg hij zich af waarom er in deze zaak sprake zou moeten zijn van speciale redenen voor inverzekeringstelling, terwijl dat bij andere vorderingen anders lag. Volgens Parmessar kon de commissie hierdoor geen weloverwogen advies geven. Hij onthield zich daarom van stemming.
ABOP-voorzitter Ronnie Brunswijk gaf aan dat zijn fractie vóór de vordering zou stemmen, mede omdat Somohardjo zelf had verklaard geen politieke bescherming te willen en bereid te zijn zich te verantwoorden.
Vreedzaam stelde dat er veel onduidelijkheden zijn in de vordering. Hij wees onder meer op termen zoals “bijzonder onderzoek”, die volgens hem onvoldoende zijn gedefinieerd. Om die reden onthield hij zich van stemming.
Somohardjo zelf nam opnieuw het woord en verklaarde dat zijn vertrouwen niet rust op macht of posities, maar op God. Volgens hem staat niemand boven het volk en is het tijd om de strijd met het Openbaar Ministerie in de rechtszaal aan te gaan. Hij gaf daarom aan dat hij en zijn partij vóór zijn eigen in staat van beschuldigingstelling zouden stemmen.
Atompai verklaarde zich opnieuw te onthouden van stemming. Hij zei geen voorstander te zijn van straffeloosheid, maar ook niet van een politieke heksenjacht. Volgens hem kon hij op basis van het dossier en de zwaarte van het besluit de vordering niet ondersteunen.
Gajadien zei dat de VHP ook in deze zaak dezelfde lijn zou volgen. Volgens hem moet iedere persoon de ruimte krijgen om zijn of haar onschuld voor de rechter te bewijzen. De VHP-fractie stemde daarom vóór de vordering.
De vordering tegen Somohardjo werd uiteindelijk aangenomen met 32 stemmen voor. Daarmee heeft DNA ook in deze zaak toestemming gegeven voor verdere vervolging.












