President Jennifer Simons heeft het Nationaal Coördinatiecentrum voor Rampenbeheersing (NCCR) gevraagd om in actie te komen op plaatsen waar sprake is van hoge en acute nood door de aanhoudende wateroverlast. Zij deed daarbij ook een beroep op de samenleving om alert te blijven, elkaar te ondersteunen en tijdig melding te maken van ernstige situaties.
De president zei vrijdag 15 mei 2026 in gesprek met presidentiële woordvoerder Roberto Lindveld dat het NCCR de gemeenschap verder zal informeren over de hulpverlening. Mogelijk komt er ook een hulplijn voor personen en huishoudens die zwaar zijn getroffen. Burgers die dringend hulp nodig hebben, worden opgeroepen contact op te nemen met hun districtscommissaris of andere verantwoordelijke instanties in hun omgeving.
Simons sprak haar medeleven uit met alle personen en huishoudens die momenteel te maken hebben met wateroverlast. Volgens haar volgt de regering niet alleen de situatie in Paramaribo en omliggende gebieden, maar ook de ontwikkelingen in de zuidelijke dorpen. Daar wordt inmiddels geïnventariseerd of voedselhulp nodig zal zijn, omdat landbouwgewassen door het hoge water verloren dreigen te gaan.
Wateroverlast in Paramaribo geen nieuw probleem
Volgens het staatshoofd is wateroverlast in Paramaribo geen nieuw probleem. Zij wees erop dat in het verleden is gebleken dat de situatie redelijk beheersbaar kan blijven wanneer kanalen open worden gehouden en pompen goed functioneren. Toch is volgens haar duidelijk dat er op lange termijn meer nodig is dan tijdelijke maatregelen.
Simons stelde dat Paramaribo structureel beter moet worden ingericht. Volgens haar zijn delen van de stad niet goed gebouwd, omdat woningen en percelen zich vaak in laaggelegen gebieden bevinden. “Voor de toekomst moeten we dat niet meer doen”, zei de president.
De regering wil daarom werken aan een breder plan voor de ontwikkeling van de hoofdstad. Simons gaf aan dat zij buitenlandse deskundigen, maar ook Surinaamse experts, wil betrekken bij het uitwerken van een visie voor Paramaribo voor de komende vijftien jaar. Daarbij moet volgens haar beter worden gekeken naar waterbeheer, ruimtelijke ordening en de manier waarop nieuwe woongebieden worden ontwikkeld.
Achterstallig onderhoud
De president ging ook in op de situatie bij het ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening. Volgens haar heeft minister Stephen Tsang een moeilijke situatie overgenomen, mede door jarenlang achterstallig onderhoud aan waterafvoerwegen.
“Wat hij heeft overgenomen is echt vijf jaar verwaarlozing van de meeste waterafvoerwegen. Soms geen machines, geen auto’s. Hij moest ze allemaal gaan zoeken”, aldus Simons.
Toch sprak het staatshoofd waardering uit voor het werk dat de afgelopen maanden is verricht. Volgens haar heeft het directoraat Openbaar Groen en Afvalbeheer (OGA) met de beschikbare middelen een redelijke prestatie geleverd, ondanks de grote hoeveelheid regen die momenteel valt.
Meer machines nodig
De president benadrukte dat de regentijd nog niet voorbij is en dat er daarom sneller moet kunnen worden ingegrepen. Administratieve procedures zullen volgens haar worden versneld, zodat meer machines beschikbaar kunnen komen voor het opschonen van waterwegen en andere noodzakelijke werkzaamheden.
“Want de regentijd is nog lang niet afgelopen”, waarschuwde Simons.
Zij wees er verder op dat niet alleen Suriname te maken heeft met zware wateroverlast. Ook buurlanden kampen met vergelijkbare problemen. Volgens de president onderstreept dat de noodzaak om niet alleen noodhulp te bieden, maar ook structureel te werken aan beter waterbeheer en toekomstbestendige stedelijke planning.





