Staatsolie Maatschappij Suriname N.V. heeft 2025 afgesloten als een jaar van stevige financiële resultaten en strategische voorbereiding op een nieuwe fase in de Surinaamse energiesector.
Uit het jaarverslag over 2025 blijkt dat het staatsbedrijf niet alleen profiteerde van zijn bestaande activiteiten in olie, raffinage, energie en goudparticipaties, maar zich ook nadrukkelijk positioneert voor de offshore-ontwikkeling die vanaf 2028 een grotere rol moet spelen in de economie.
Het bedrijf vierde in 2025 zijn 45-jarig bestaan. Staatsolie werd op 13 december 1980 opgericht en groeide uit van een nationale oliemaatschappij met bescheiden productie in Saramacca tot een onderneming die nu betrokken is bij projecten van internationale schaal. Volgens het jaarverslag staat Staatsolie aan de vooravond van een fase waarin Suriname niet alleen lokaal en regionaal, maar ook internationaal een rol kan spelen als olie- en gasproducent.
Financieel boekte Staatsolie in 2025 hogere inkomsten. De geconsolideerde omzet steeg naar US$ 832 miljoen, tegenover US$ 735 miljoen in 2024. De winst vóór belastingen kwam uit op US$ 444 miljoen, terwijl de EBITDA steeg naar US$ 633 miljoen. Daarmee bleef het bedrijf, ondanks een dynamische internationale energiemarkt, winstgevend en financieel solide. Ook de bijdrage aan de Surinaamse overheid bleef aanzienlijk. Via belastingen, dividenden en royalty’s uit goudparticipaties droeg Staatsolie US$ 400 miljoen af aan de staat. Volgens het jaarverslag kwam dit neer op ongeveer 8 procent van het bruto binnenlands product en 30 procent van de totale overheidsinkomsten in 2025.
Een van de belangrijkste ontwikkelingen in 2025 was de financiering van Staatsolie’s 20 procent deelname in het GranMorgu-project in offshore Block 58. Hiervoor gaf Staatsolie een obligatie uit voor US$ 516 miljoen en sloot het een gesyndiceerde lening van US$ 1,6 miljard af bij een consortium van 18 banken en financiële instellingen. Samen met eigen middelen en operationele kasstromen moet dit de basis vormen voor een investering van US$ 2,4 miljard in GranMorgu.
Het GranMorgu-project wordt gezien als Surinames eerste grote offshore olieontwikkeling. Eind 2025 was het project volgens het jaarverslag ongeveer 28 procent voltooid. De bouw van de Floating Production Storage and Offloading-unit, de FPSO, was op dat moment voor de helft afgerond. De eerste olieproductie staat gepland voor de eerste helft van 2028. De productiecapaciteit wordt geraamd op 220.000 vaten olie per dag.
Naast olie komt ook gas nadrukkelijker in beeld. Staatsolie en Petronas bereikten in 2025 de Declaration of Commerciality voor de Sloanea-1 gasvondst in Block 52. Daarmee is een belangrijke stap gezet richting Surinames eerste offshore gasproject. Een definitieve investeringsbeslissing wordt verwacht in 2026, met mogelijke eerste gasproductie in 2030. Voor Suriname kan dit van strategisch belang zijn, omdat gas niet alleen exportpotentie heeft, maar ook kan bijdragen aan de toekomstige energievoorziening en industriële ontwikkeling.
Ook de bestaande onshore-activiteiten bleven stabiel. Staatsolie produceerde in 2025 6,35 miljoen vaten Saramacca Crude, goed voor gemiddeld ongeveer 17.400 vaten per dag. Dit gebeurde ondanks natuurlijke drukafname in volwassen olievelden. Het bedrijf blijft inzetten op verbeterde winningstechnieken, operationele efficiëntie en technologie om de productie op peil te houden.
De raffinaderij leverde eveneens een sterke prestatie. In 2025 werden 3,15 miljoen vaten hoogwaardige diesel en gasoline geproduceerd, meer dan de doelstelling van 2,97 miljoen vaten. Ook werd voor het eerst commercieel zwavelzuur geproduceerd. In de energiesector leverde Staatsolie Power Company Suriname ongeveer 1,46 GWh elektriciteit uit thermische en waterkrachtbronnen, waarmee volgens het jaarverslag ongeveer 69 procent van de vraag in Paramaribo en omliggende districten werd gedekt.
Toch benadrukt het jaarverslag dat de toekomstige olie-inkomsten niet automatisch leiden tot duurzame welvaart. Staatsolie wijst op het belang van prudent fiscaal beleid, sterke instituties en een goed functionerend Spaar- en Stabilisatie Fonds. De verwachte offshore-inkomsten kunnen Suriname ingrijpend veranderen, maar alleen als die middelen gericht worden ingezet voor productiviteit, menselijk kapitaal, infrastructuur en economische diversificatie.
Op milieugebied stelt Staatsolie dat het werkt met een ISO 14001-gecertificeerd milieumanagementsysteem en inzet op vermindering van broeikasgasintensiteit met 20 procent tegen 2030. Voor GranMorgu worden volgens het bedrijf milieueffectrapportages, preventieprotocollen tegen olielekken en monitoring van mariene ecosystemen toegepast. Ook werd in 2025 geïnvesteerd in sociale projecten. Via de Staatsolie Foundation werd ongeveer US$ 2,7 miljoen besteed aan sociale initiatieven, terwijl ter gelegenheid van het jubileum nog eens US$ 3 miljoen werd toegezegd voor projecten die kwetsbare gemeenschappen en nationale instituten moeten versterken.
Het jaarverslag schetst daarmee een bedrijf dat financieel gezond is en steeds dieper verweven raakt met de toekomst van de Surinaamse economie. De uitdaging ligt nu niet alleen bij Staatsolie, maar ook bij de overheid en samenleving: de komende olie- en gasfase zodanig beheren dat de opbrengsten niet verdwijnen in kortetermijnuitgaven, maar worden omgezet in blijvende ontwikkeling voor Suriname.






