Suriname wil de verwachte inkomsten uit olie en gas benutten voor brede, duurzame ontwikkeling. Tijdens de 3.0 werken overheid, bedrijfsleven en samenleving aan een nationale koers die ook toekomstige regeringen richting moet geven.
De Summit Duurzaam Suriname 3.0 is op maandag 3 augustus 2026 in Hotel Torarica in Paramaribo officieel geopend door president Jennifer Simons. De driedaagse bijeenkomst moet een breed nationaal traject op gang brengen voor een langetermijnvisie richting 2040 en 2050. De aanpak sluit aan op de Roadmap Suriname en richt zich op de vraag hoe inkomsten uit olie en gas kunnen worden omgezet in blijvende vooruitgang voor de hele bevolking.
Aan de bijeenkomst nemen vertegenwoordigers deel van de overheid, het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en verschillende groepen uit de samenleving. Zij bespreken welke keuzes Suriname nu moet maken om economische groei te koppelen aan onderwijs, werkgelegenheid, gezondheidszorg, innovatie, goed bestuur en bescherming van natuur en milieu. De initiatiefnemers willen voorkomen dat de nationale ontwikkeling uitsluitend afhankelijk wordt van één sector. Ook verschillen tussen Paramaribo, de kustdistricten en het binnenland moeten in de planning worden meegenomen, zodat investeringen niet alleen terechtkomen op plaatsen waar de economische infrastructuur al het sterkst is.
President Simons benadrukte dat de oliesector naar verwachting grote inkomsten kan opleveren, maar relatief weinig directe banen creëert. Daarom moeten andere economische sectoren tijdig worden versterkt. Landbouw, toerisme, productie, dienstverlening, technologie en onderwijs kunnen volgens deze benadering zorgen voor meer werkgelegenheid en een bredere verdeling van de toekomstige welvaart. Daarbij moet tijdig worden geïnvesteerd in vakonderwijs en bijscholing, zodat Surinamers ook daadwerkelijk kunnen voldoen aan de nieuwe eisen op de arbeidsmarkt.
Summit Duurzaam Suriname 3.0 richt blik op 2050
Volgens het staatshoofd moeten de kansen uit olie en gas worden gebruikt om de basis van de economie sterker en veelzijdiger te maken. “De oliesector kenmerkt zich door hoge inkomsten en weinig banen. Het zijn daarom de omliggende sectoren in het land die aan onze mensen kwalitatief goede jobs zullen moeten geven”, stelde Simons tijdens de opening.
Die boodschap sluit aan bij eerdere discussies over local content, waarbij wordt gekeken hoe Surinaamse werknemers en bedrijven kunnen deelnemen aan de olie- en gasindustrie. De uitdaging is volgens de regering groter dan het invullen van vacatures binnen de sector. Het gaat ook om investeringen in opleidingen, ondernemerschap, lokale productie en dienstverlening die na de olieperiode waarde blijven toevoegen. Key News schreef eerder over de noodzaak van duurzame ontwikkeling na de olie- en gasperiode.
Brunings waarschuwt voor leegloop van andere sectoren
Minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu waarschuwde dat een te sterke nadruk op local content binnen olie en gas andere sectoren kan verzwakken. Wanneer werknemers massaal overstappen naar beter betalende banen in de nieuwe industrie, kunnen onder meer de bouw, landbouw, zorg, techniek en publieke dienstverlening met grotere personeelstekorten worden geconfronteerd.
“Je wil niet alleen maar concentreren op local content voor oil and gas, anders trek je de andere sectoren helemaal leeg”, zei Brunings. De minister omschreef de gewenste toekomst voorlopig als “een groen, gezond, duurzaam Suriname”. Dat betekent volgens hem dat economische ontwikkeling niet alleen aan inkomsten moet worden gemeten, maar ook aan leefbaarheid, gezondheid, kansen voor jongeren en verantwoord beheer van natuurlijke hulpbronnen.
Olie-inkomsten moeten ook buiten de oliesector duurzame banen en kansen creëren.
Roadmap moet regeringen blijven verbinden
Een belangrijk onderwerp tijdens de summit is de vraag hoe een nationale koers kan worden beschermd tegen plotselinge beleidswijzigingen. Brunings pleitte daarom voor een roadmap die niet na iedere regeringswisseling opnieuw ter discussie wordt gesteld. Wettelijke verankering kan volgens hem helpen om afspraken, doelen en verantwoordelijkheden voor langere tijd vast te leggen.
President Simons ondersteunt het uitgangspunt dat de toekomstvisie breed gedragen en regeringsoverstijgend moet zijn. Dat vereist niet alleen politieke overeenstemming, maar ook betrokkenheid van bedrijven, vakorganisaties, deskundigen, jongeren, lokale gemeenschappen en maatschappelijke instellingen. Een nationale visie krijgt volgens de deelnemers pas betekenis wanneer de samenleving zich erin herkent en de uitvoering kan volgen. Heldere doelen en openbare voortgangsrapportages moeten voorkomen dat de roadmap alleen een beleidsdocument blijft zonder zichtbare gevolgen voor burgers en bedrijven.
Tien ontwikkelingsgebieden leveren bouwstenen
Tijdens de Summit Duurzaam Suriname 3.0 wordt gewerkt met tien strategische ontwikkelingsgebieden, die worden aangeduid als Strategic Lanes. Binnen deze gebieden worden gegevens, sectoranalyses, praktijkervaringen en internationale inzichten samengebracht. De deelnemers moeten daarmee bepalen welke investeringen, hervormingen en samenwerkingsvormen noodzakelijk zijn om de gestelde doelen richting 2040 en 2050 te bereiken. De bedoeling is dat keuzes op economisch, sociaal en ecologisch gebied elkaar versterken en niet los van elkaar worden uitgevoerd.
Het Nationaal Ontwikkelingsplatform wil de resultaten gebruiken als bouwstenen voor een nationale langetermijnvisie. Voorzitter Karl Eckhorst zei dat Suriname aan de vooravond staat van grote ontwikkelingen en dat discussies daarom nu moeten worden gekoppeld aan concrete voorbereiding. Het platform zal volgens hem niet zelf een volledig nationaal ontwikkelingsplan schrijven, maar informatie en voorstellen verzamelen waarmee beleidsmakers verder kunnen werken.
Samenleving moet vanaf het begin deelnemen
Eckhorst benadrukte dat burgers niet pas bij de uitvoering mogen worden betrokken. “Het is dus van belang dat we de samenleving meenemen vanaf de formulering van de plannen”, stelde hij. Die benadering moet ervoor zorgen dat de toekomstvisie niet uitsluitend in vergaderzalen wordt ontwikkeld, maar rekening houdt met de dagelijkse werkelijkheid in Paramaribo en de districten.
Volgens de initiatiefnemers moet het traject uiteindelijk leiden tot een strategische visie en een ontwikkelingsagenda die zoveel mogelijk wettelijk worden vastgelegd. De officiële informatie over de opening en doelstellingen van de summit is terug te vinden bij de Communicatie Dienst Suriname.
Uitvoering wordt beslissende volgende stap
De summit markeert vooral het begin van een langer proces. Na de gesprekken moeten prioriteiten worden uitgewerkt in meetbare doelen, verantwoordelijke instellingen, financieringskeuzes en een duidelijke planning. Daarbij zal ook moeten worden bepaald hoe de overheid verslag uitbrengt over de voortgang en hoe onafhankelijke deskundigen en maatschappelijke organisaties toezicht kunnen houden.
De centrale vraag blijft hoe Suriname toekomstige olie-inkomsten kan omzetten in duurzame welvaart zonder andere sectoren, het milieu of kwetsbare groepen uit het oog te verliezen. De komende uitwerking zal moeten tonen welke voorstellen daadwerkelijk worden vastgelegd en op welke manier burgers invloed kunnen blijven uitoefenen op de nationale koers.







