De Centrale Bank van Suriname (CBvS) heeft woensdag 15 april 2026 aan een parlementaire commissie toelichting gegeven op de protocollen en werkwijzen die binnen het bankwezen worden toegepast. De bijeenkomst vond plaats in het kader van het verzoek van het Openbaar Ministerie aan De Nationale Assemblée om de voormalige ministers Gillmore Hoefdraad, Riad Nurmohamed en Bronto Somohardjo in staat van beschuldiging te stellen.
Volgens de verstrekte informatie is tijdens het overleg uitvoerig stilgestaan bij de stappen die worden gevolgd wanneer afwijkingen worden geconstateerd. Ook kwamen toezicht, controle en transparantie binnen de werkzaamheden van de CBvS aan de orde.
De commissie stelde tijdens de bijeenkomst gerichte vragen om meer duidelijkheid te krijgen over specifieke onderdelen van het toezicht en de praktische uitvoering van de geldende regelgeving. De uitwisseling moest bijdragen aan een beter begrip van zowel de technische als de operationele aspecten van de procedures binnen het financieel systeem.
Namens de Centrale Bank waren onder anderen waarnemend gouverneur Rakesh Adhin en andere vertegenwoordigers aanwezig. Zij benadrukten het belang van effectief toezicht op de banken en lichtten toe dat nationale richtlijnen en internationale standaarden als basis dienen voor de uitvoering van deze processen.
Volgens de CBvS zijn de gehanteerde protocollen erop gericht om een ordentelijke en controleerbare afhandeling te waarborgen. Daarbij staat de integriteit van het financieel systeem centraal. Ook werd aangegeven dat verschillende ingebouwde controlemechanismen moeten voorkomen dat misstanden ontstaan en dat zij bijdragen aan het behoud van vertrouwen in het bankwezen.
Aan de vergadering namen commissieleden Ebu Jones en Dew Sharman deel. Als toehoorders waren aanwezig Aziez Salarbaks, Krishnakoemarie Mathoera, Rawien Raghoenandan, Chuanrui Wang, Ameerani Jarbandhan, Rossellie Cotino en Raymond Sapoen.



