De voorzitter van De Nationale Assemblée, Ashwien Adhin, wil dat de werking van het nieuwe Burgerlijk Wetboek (BW) systematisch wordt geëvalueerd. Volgens hem eindigt het werk van het parlement niet bij het aannemen van wetten, maar moet ook worden nagegaan of wetgeving in de praktijk uitvoerbaar en effectief is.
Adhin sprak hierover op vrijdag 29 mei 2026 tijdens de bijeenkomst Legal Lunch Suriname: Van wetboek naar werkvloer — Boek 2 BW & Governance in de praktijk in het Radisson Hotel. De bijeenkomst werd georganiseerd door de Academie voor Leadership en bracht onder anderen juristen, compliance officers, bestuurders, toezichthouders en vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven samen.
Volgens de parlementsvoorzitter is een wet geen eindpunt, maar onderdeel van een voortdurende cyclus. “Een wet is geen eindproduct, maar een fase in een cyclus”, stelde hij. Daarmee benadrukte hij dat wetgeving pas echt betekenis krijgt wanneer duidelijk wordt hoe die in de samenleving wordt toegepast.
Parlement moet ook nagaan of wetten werken
Adhin gaf aan dat het wetgevingstraject voor het publiek vooral zichtbaar is vanaf de voorbereiding van een wetsvoorstel tot de afkondiging in het Staatsblad. De daadwerkelijke waarde van een wet wordt volgens hem echter pas zichtbaar bij de uitvoering.
“Mijn visie is dat het parlement een tweede taak heeft. Naast het vaststellen van wetten behoort het parlement ook te weten of zijn wetten werken”, zei de DNA-voorzitter.
Volgens Adhin bestaat er vaak een afstand tussen het aannemen van een wet en de toepassing ervan in de dagelijkse praktijk. Juist in die fase wordt duidelijk of regels aansluiten op de realiteit van burgers, bedrijven en instellingen. Ook wordt dan zichtbaar of wetgeving uitvoerbaar is en maatschappelijke meerwaarde heeft.
Nieuw Burgerlijk Wetboek sinds 2025 van kracht
Het nieuwe Burgerlijk Wetboek werd in 2024 door De Nationale Assemblée goedgekeurd en trad op 1 mei 2025 in werking. Vanwege de omvang van deze juridische hervorming vindt Adhin het noodzakelijk om de toepassing ervan goed te volgen.
Hij verwees daarbij naar ervaringen in Nederland, waar vergelijkbare wetshervormingen gefaseerd zijn ingevoerd en geëvalueerd. Volgens hem kan Suriname daaruit lessen trekken bij het beoordelen van de werking van het nieuwe BW.
Overlegplatform en digitaal portaal
De DNA-voorzitter kondigde drie concrete stappen aan. Zo zal De Nationale Assemblée een structureel overlegplatform opzetten voor de evaluatie van het nieuwe Burgerlijk Wetboek. Dat overleg kan volgens hem aansluiten bij bestaande werkvormen binnen het parlement, zoals de Academische Week.
“Dit overleg kan de vorm aannemen van wat wij kennen in DNA als de Academische Week. Het kan ook twee weken. We hoeven niets nieuw te doen”, aldus Adhin.
Daarnaast komt er een digitaal portaal waar burgers, professionals en organisaties signalen uit de praktijk kunnen indienen. Het gaat daarbij om wetsartikelen die bij de uitvoering vragen oproepen of tot knelpunten leiden.
Ook zullen de inzichten en aanbevelingen die tijdens de Legal Lunch naar voren zijn gebracht, worden meegenomen in de evaluatiestructuur. Adhin gaf aan dat hij hiervoor drie deskundigen die werkzaam zijn bij het parlement heeft meegenomen.
Inzichten gaan niet verloren
Volgens de DNA-voorzitter heeft de bijeenkomst meer opgeleverd dan alleen een gedachtewisseling tussen deskundigen. De praktijkervaringen die tijdens de Legal Lunch zijn gedeeld, zullen worden gebruikt om beter zicht te krijgen op de werking van het nieuwe Burgerlijk Wetboek.
“Wat hier vandaag uitgewisseld wordt, gaat dus zeker niet verloren”, zei Adhin.
Met de evaluatie wil De Nationale Assemblée bijdragen aan betere wetgeving en sterker bestuur. Volgens Adhin is het belangrijk dat wetten niet alleen juridisch correct zijn, maar ook in de praktijk bijdragen aan duidelijkheid, rechtszekerheid en goed bestuur.










