Mentale gezondheid is een belangrijke voorwaarde voor een veilige en stabiele leer- en werkomgeving binnen het onderwijs. Dat benadrukte onderminister dr. Raj Jadnanansing van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid (VWA) tijdens het openingscollege van het Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL) voor het studiejaar 2026-2027. De bijeenkomst vond plaats op maandag 2 november 2026.
Jadnanansing, die van huis uit psycholoog is, verzorgde een inleiding over het thema ‘Mentale gezondheid in het onderwijs’. Daarbij stond hij stil bij de psychische belasting waarmee leerkrachten, leerlingen en studenten dagelijks te maken krijgen.
Volgens de onderminister omvat mentale gezondheid het emotionele, cognitieve, sociale en gedragsmatige welzijn van mensen. Dit heeft invloed op de manier waarop zij denken, voelen, handelen en met anderen omgaan. Binnen het onderwijs speelt dit een belangrijke rol in de onderlinge verhoudingen en de persoonlijke en professionele ontwikkeling van leerkrachten.
Toenemende werkdruk onder leerkrachten
Jadnanansing wees erop dat het onderwijs voortdurend verandert en dat leerkrachten steeds vaker met nieuwe uitdagingen worden geconfronteerd. De invloed van sociale media, de toenemende eisen aan het beroep en de noodzaak om voortdurend nieuwe kennis op te doen, kunnen volgens hem zwaar drukken op hun mentale weerbaarheid.
Hij benadrukte daarom het belang van persoonlijke ontwikkeling, zelfreflectie en aandacht voor het eigen welzijn. Leerkrachten moeten niet alleen investeren in hun vakinhoudelijke kennis, maar ook leren omgaan met werkdruk en spanningen op de werkvloer.
Een ongezonde werksfeer kan volgens de onderminister ertoe leiden dat leerkrachten zich niet prettig voelen op hun werkplek en zelfs een overplaatsing overwegen. Het stellen van prioriteiten, bewaken van persoonlijke grenzen en tijdig aangeven wanneer de werkdruk te hoog wordt, zijn volgens hem belangrijke vaardigheden.
Ook leerlingen hebben mentale begeleiding nodig
Naast de uitdagingen voor leerkrachten besteedde Jadnanansing aandacht aan de mentale ontwikkeling van leerlingen en studenten. Kinderen moeten volgens hem leren omgaan met de overgang van de thuissituatie naar de schoolomgeving, waar andere regels, verwachtingen en omgangsvormen gelden.
Deze overgang vraagt om begrip, begeleiding en het ontwikkelen van mentale weerbaarheid. Een ondersteunend schoolklimaat kan eraan bijdragen dat leerlingen zich beter aanpassen en zich zowel sociaal als intellectueel ontwikkelen.
Taboe op psychische problemen doorbreken
De onderminister benadrukte verder dat bewustwording en preventie nauw met elkaar verbonden zijn. Door psychische problemen bespreekbaar te maken en signalen van overbelasting tijdig te herkennen, kan worden voorkomen dat spanningen het dagelijks functioneren ernstig beïnvloeden.
Volgens Jadnanansing zoekt een groot deel van de mensen met depressieve gevoelens geen professionele hulp. Hij noemde daarbij een verhouding van ongeveer 90 procent die geen hulp zoekt tegenover 10 procent die dat wel doet. Deze cijfers werden tijdens zijn inleiding aangehaald en zijn in de verstrekte informatie niet nader onderbouwd.
Volgens de onderminister onderstreept dit het belang van het verminderen van het stigma rond psychische problemen. Mensen moeten worden aangemoedigd om tijdig professionele ondersteuning te zoeken wanneer zij psychische klachten ervaren.
Jadnanansing besloot zijn inleiding met de boodschap dat mentale gezondheid geen bijkomstigheid is, maar een noodzakelijke voorwaarde om goed te kunnen functioneren, zowel binnen het onderwijs als in de samenleving.
Voor mensen die psychische ondersteuning nodig hebben, verwees hij naar de telefonische crisishulplijn 114 en het online hulpprogramma eHealth Suriname.

















