Spanje heeft zich zojuist voor de tweede keer in de geschiedenis tot wereldkampioen voetbal gekroond. De Europese kampioen versloeg titelverdediger Argentinië in de finale van het WK 2026 met 1-0 na verlenging. Ferran Torres maakte in de 106e minuut het beslissende doelpunt.
De finale in het New York New Jersey Stadium bleef na de reguliere speeltijd doelpuntloos. Spanje had het grootste deel van de wedstrijd het balbezit en creëerde aanzienlijk meer kansen, maar stuitte meerdere keren op de Argentijnse doelman Emiliano Martínez.
Argentinië kwam in de slotfase van de reguliere speeltijd met tien spelers te staan. Middenvelder Enzo Fernández ontving in de derde minuut van de blessuretijd zijn tweede gele kaart na een overtreding op de Spaanse verdediger Pau Cubarsí. Daardoor moest de regerend wereldkampioen de volledige verlenging met een man minder spelen.
Kort na het begin van de tweede helft van de verlenging brak Spanje de ban. Pedro Porro bracht de bal vanaf de rechterkant voor het doel, waarna Nico Williams terugkopte. Torres kwam goed voor zijn tegenstander en schoot de bal met zijn linkervoet hard in het dak van het doel: 1-0.
Argentinië probeerde in de resterende minuten alsnog een verlenging af te dwingen. Lionel Messi en Giovanni Simeone waren betrokken bij enkele late aanvallen, maar de Spaanse verdediging hield stand. Een inzet van Simeone ging in de slotseconden over het doel.
Spanje was gedurende de wedstrijd duidelijk de gevaarlijkste ploeg. De Spanjaarden kwamen tot meer dan twintig doelpogingen, waarvan twaalf op doel. Argentinië noteerde pas in de 117e minuut zijn eerste doelpoging van de wedstrijd.
Voor Spanje is het de tweede wereldtitel. Het land werd in 2010 voor het eerst wereldkampioen, toen Andrés Iniesta in de verlenging het winnende doelpunt maakte tegen Nederland. Ook deze keer viel de beslissing pas in de extra speeltijd.
Argentinië slaagde er daardoor niet in zijn wereldtitel van 2022 te prolongeren. De ploeg van bondscoach Lionel Scaloni had bij winst het eerste land sinds Brazilië in 1962 kunnen worden dat twee opeenvolgende wereldkampioenschappen won.
De finale betekende mogelijk ook het laatste optreden van de 39-jarige Messi op een WK. De Argentijnse aanvoerder stond voor de derde keer in een wereldbekerfinale, maar kon zijn land ditmaal niet naar de titel leiden.
Met de overwinning sluit Spanje een sterk toernooi af. De ploeg van bondscoach Luis de la Fuente begon de finale met een ongeslagen reeks van 37 interlands en schakelde in de halve finale Frankrijk met 2-0 uit.
Het WK 2026 was het eerste wereldkampioenschap met 48 deelnemende landen. Tijdens het zes weken durende toernooi werden 104 wedstrijden gespeeld in de Verenigde Staten, Mexico en Canada.











