Guyana zet verdere stappen richting de ontwikkeling van een diepwaterhaven in Berbice, dicht bij Suriname. De private sector bespreekt investeringsmogelijkheden met internationale adviseurs, terwijl de regering werkt aan een haalbaarheidsonderzoek voor het miljardenproject dat de regionale handel moet versterken.
De plannen voor de diepwaterhaven in Berbice hebben nieuwe aandacht gekregen na overleg tussen de Private Sector Commission (PSC) van Guyana en vertegenwoordigers van Cross Boundary Advisory. De partijen bespraken op dinsdag 27 oktober 2026 hoe internationale investeerders kunnen worden aangetrokken voor de ontwikkeling van strategische haveninfrastructuur in het oosten van Guyana.
Tijdens de bijeenkomst spraken de Guyanese ondernemersorganisatie en de adviseurs Jamie McInerney en Alfonso Pereira Calvo over de voorgestelde haven nabij New Amsterdam. Bij het project zijn onder meer het Amerikaanse ingenieursbedrijf Bechtel, CGX/NNE en het Guyanese ministerie van Openbare Werken betrokken. De gesprekken richtten zich op goederenstromen, financieringsmogelijkheden en de economische activiteiten die rond de haven kunnen ontstaan.
De haven moet Guyana beter verbinden met regionale en internationale handelsmarkten. Daarbij wordt gekeken naar vrachtvervoer tussen Guyana en andere Caribische landen, waaronder Jamaica, Trinidad en Tobago en Barbados. Ook de mogelijkheden om goederen vanuit Brazilië via Guyana naar internationale markten te vervoeren, krijgen aandacht.
Diepwaterhaven in Berbice moet regionale handel versterken
PSC-voorzitter kapitein Gerald Gouveia Jr. benadrukte tijdens het overleg het strategische belang van de wegverbinding richting Lethem, bij de grens met Brazilië. In combinatie met een moderne diepwaterhaven kan deze verbinding volgens hem nieuwe handelsroutes openen en de toegang tot regionale afzetmarkten verbeteren.
Gouveia wees daarbij op de mogelijkheden voor Guyanese producenten om een groter aandeel te verwerven in de voedselmarkt van de Caribische Gemeenschap (CARICOM). Volgens de PSC vertegenwoordigt deze markt een waarde van ongeveer US$ 1,5 miljard.
De gedachte achter het project is dat producenten, transportbedrijven en exporteurs gebruik kunnen maken van betere infrastructuur om goederen sneller en efficiënter te verplaatsen. Een diepwaterhaven kan grotere zeeschepen ontvangen, afhankelijk van het uiteindelijke ontwerp en de beschikbare waterdiepte.
Investering mogelijk tussen US$ 1 en 2 miljard
Volgens eerdere berichtgeving van Guyanese media wordt de investering voor de voorgestelde haven geraamd op US$ 1 miljard tot US$ 2 miljard. De definitieve kosten, de locatie en de financieringsstructuur moeten nog worden vastgesteld.
De Guyanese regering heeft het Amerikaanse ingenieursbedrijf Bechtel ingeschakeld voor onderzoek naar de technische en economische uitvoerbaarheid van het project. Ook CrossBoundary Group is betrokken bij het beoordelen van de commerciële haalbaarheid en de verwachte vraag naar havendiensten.
President Irfaan Ali verklaarde op 26 oktober dat het haalbaarheidsonderzoek naar verwachting in december 2026 wordt afgerond. Daarna wil de regering met geïnteresseerde investeerders overleggen over de volgende stappen.
De diepwaterhaven kan Berbice ontwikkelen tot een belangrijke toegangspoort voor handel tussen Brazilië en het Caribisch gebied.
Onder de partijen waarmee de Guyanese regering contact heeft over mogelijke financiering bevinden zich de Amerikaanse Export-Import Bank, UK Export Finance en de Qatar Investment Authority. Hun belangstelling betekent echter nog niet dat definitieve financiering is toegezegd.
Financiering veranderde na overname Hess door Chevron
De ontwikkeling van de haven heeft eerder te maken gekregen met een wijziging in de financieringsplannen. Het Amerikaanse energiebedrijf Hess had voorbereidende technische studies ondersteund, maar na de overname van Hess in juli 2025 besloot Chevron de verdere financiering van dat onderzoekswerk niet voort te zetten.
Volgens Guyanese berichtgeving was ongeveer US$ 4 miljoen besteed aan eerdere technische voorbereidingen. Het wegvallen van verdere steun betekende dat naar andere financieringsmogelijkheden moest worden gezocht.
De Amerikaanse Export-Import Bank heeft inmiddels belangstelling kenbaar gemaakt voor financiering van een volgende technische ontwerpfase. Een definitieve kredietovereenkomst is daarmee nog niet gesloten.
Crab Island en bestaande havenlocatie in beeld
Voor de bouw worden verschillende locaties onderzocht. Twee mogelijkheden zijn Crab Island, bij de monding van de Berbicerivier, en het terrein waar eerder een havenfaciliteit van CGX was voorgesteld.
De uiteindelijke keuze hangt af van factoren zoals waterdiepte, toegankelijkheid voor grote schepen, benodigde infrastructuur, aanlegkosten en commerciële vooruitzichten.
Tijdens de gesprekken met de PSC kwam ook de ruimtelijke inrichting van het toekomstige havengebied aan de orde. Naast laad- en losfaciliteiten wordt gekeken naar de ontwikkeling van logistieke steunpunten voor offshoreactiviteiten, datacenters en andere commerciële voorzieningen.
Nieuwe handelsroute tussen Brazilië en Guyana
Een belangrijk onderdeel van de economische plannen is de verbinding tussen de Braziliaanse markt en de Atlantische Oceaan. Vooral voor bedrijven in het noorden van Brazilië kan een geschikte route via Guyana nieuwe mogelijkheden bieden.
De wegverbinding richting Lethem moet daarbij een belangrijke schakel vormen. Als de verbindingen worden verbeterd en de haven wordt gerealiseerd, kunnen goederen mogelijk via Guyana worden geëxporteerd of geïmporteerd.
Daarbij wordt onder meer gekeken naar de Braziliaanse industriestad Manaus. Of deze route daadwerkelijk concurrerend wordt, hangt af van transportkosten, reistijden, grensprocedures en de capaciteit van de toekomstige haven.
Wat betekent de diepwaterhaven in Berbice voor Suriname?
De plannen zijn ook relevant voor Suriname vanwege de ligging van Berbice nabij de Corantijnrivier en de mogelijke ontwikkeling van nieuwe handelsroutes in de grensregio.
Suriname werkt zelf aan uitbreiding van zijn haveninfrastructuur om de groeiende olie- en gasindustrie en andere economische activiteiten te ondersteunen. De ontwikkeling in Guyana kan daarom kansen bieden voor regionale samenwerking, maar tegelijkertijd leiden tot meer concurrentie op het gebied van transport, opslag en maritieme dienstverlening.
Bij de Dr. Jules Sedney Haven in Paramaribo wordt onder meer gewerkt aan uitbreiding van de kadecapaciteit en opslagruimte. Ook in Commewijne worden havenprojecten voorbereid die moeten inspelen op de toenemende vraag vanuit de offshoresector.
Key News berichtte eerder over de havenontwikkelingen in Commewijne, waar de districtsleiding nieuwe economische activiteiten en werkgelegenheid verwacht.
Infrastructuur en grensoverschrijdende samenwerking
Een verdere ontwikkeling van de haven in Berbice kan ook de discussie over infrastructurele samenwerking tussen Suriname en Guyana beïnvloeden. Beide landen hebben eerder gesproken over betere verbindingen, economische samenwerking en de ontwikkeling van hun olie- en gassector.
In april 2026 ontstond discussie over de voorgenomen Corantijnbrug, nadat de Georgetown Chamber of Commerce and Industry had opgeroepen om de gesprekken voorlopig stil te leggen zolang bepaalde geschilpunten niet waren opgelost.
Hoewel de nieuwe havenplannen niet rechtstreeks afhankelijk zijn van een brugverbinding met Suriname, kunnen betere verbindingen tussen de twee landen op langere termijn van betekenis zijn voor regionale goederenstromen.
Definitieve beslissing over diepwaterhaven nog niet genomen
De gesprekken tussen de PSC en Cross Boundary Advisory maken deel uit van de bredere inspanningen om internationale investeringen naar Guyana te halen. Daarbij gaat het niet alleen om financiering, maar ook om betrouwbare marktinformatie waarmee investeerders de haalbaarheid van het project kunnen beoordelen.
Belangrijke vragen zijn hoeveel vracht de haven uiteindelijk zal verwerken, welke bedrijven van de faciliteiten gebruik willen maken en welke inkomsten nodig zijn om de investering terug te verdienen.
De uitkomsten van het haalbaarheidsonderzoek, dat in december wordt verwacht, moeten meer duidelijkheid geven over de volgende stappen. Voor Suriname blijft vooral van belang hoe de groeiende haveninfrastructuur in beide buurlanden de handelsstromen en logistieke positie van de regio zal beïnvloeden.








