De rijstsector staat mogelijk voor een nieuwe zware beproeving nu extreme droogte wordt verwacht. NPS fractieleider Jerrel Pawiroredjo waarschuwt dat zonder tijdige voorbereiding niet alleen boeren, maar uiteindelijk ook de voedselzekerheid van Suriname onder druk kan komen te staan.
De verwachte droogte en de mogelijke gevolgen voor de rijstproductie in Suriname baren NPS parlementariër Jerrel Pawiroredjo grote zorgen. Tijdens een openbare vergadering van De Nationale Assemblee vroeg hij de regering om niet te wachten tot watertekorten zich daadwerkelijk voordoen, maar nu al concrete maatregelen voor te bereiden. Volgens hem wijzen internationale weermodellen op een verhoogd risico op zeer droge omstandigheden in dit deel van Zuid Amerika.
Pawiroredjo koppelt die waarschuwing aan de kwetsbare positie waarin de Surinaamse rijstsector zich al bevindt. Hij stelde dat in eerdere jaren op het hoogtepunt meer dan 50.000 hectare met padie werd ingezaaid, terwijl het areaal volgens hem inmiddels is teruggelopen tot ongeveer 10.000 hectare. Een verdere daling kan volgens de parlementariër gevolgen hebben voor boeren, verwerkers, exporteurs en uiteindelijk ook consumenten. De ruimte om een slecht seizoen op te vangen wordt volgens hem daardoor steeds kleiner.
Daar komt bij dat producenten volgens Pawiroredjo al langere tijd te maken hebben met problemen rond de beschikbaarheid en kwaliteit van rijstrassen. Ook de deskundigheid en onderzoeksinfrastructuur om in Suriname zelf verbeterde rassen te ontwikkelen, zijn volgens hem onvoldoende versterkt. Dat kan een knelpunt worden wanneer boeren snel behoefte hebben aan rassen die beter bestand zijn tegen droogte, ziekten of veranderende teeltomstandigheden.
Rijstproductie in Suriname onder druk door watervraagstuk
Voor Pawiroredjo ligt het grootste acute risico bij irrigatiewater. Rijstbouw is sterk afhankelijk van een voorspelbare watervoorziening. Wanneer regen uitblijft en kanalen, zwampen en andere waterbronnen onvoldoende worden aangevuld, neemt de druk op pompgemalen en andere irrigatievoorzieningen snel toe. De parlementariër wil daarom weten hoeveel water in een extreem droog scenario nodig is en hoe de regering dat water beschikbaar denkt te houden voor de rijstproductie in Suriname.
Ook vraagt hij hoeveel pompen operationeel moeten zijn en hoeveel diesel nodig is om die installaties langdurig te laten draaien. Die vragen zijn niet nieuw in de rijstsector. Key News berichtte eerder dat vanuit het parlement al aandacht is gevraagd voor de staat van de pompgemalen van Wageningen en Wakay en voor voorbereiding op een nieuw inzaaiseizoen. Een storing op het verkeerde moment kan boeren dwingen zelf hoge kosten te maken voor water en brandstof.
Een tekort aan irrigatiewater mag niet uitmonden in een tekort aan rijst op de lokale markt.
Voedselzekerheid belangrijker dan alleen export
Pawiroredjo benadrukte dat de discussie niet uitsluitend over exportopbrengsten mag gaan. Suriname moet volgens hem voorkomen dat de binnenlandse productie zo ver terugvalt dat rijst moet worden geïmporteerd voor de eigen consumptie. Voor een land waar rijst tot de belangrijkste basisproducten behoort, zou dat de afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers vergroten. Ook kunnen internationale prijsstijgingen, transportkosten en verstoringen in aanvoerlijnen dan sneller doorwerken in de prijs die consumenten in Suriname betalen.
Daarom wil hij van minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij weten welke voorbereidingen al worden getroffen. Hij noemt onder meer voldoende en kwalitatief zaaizaad, eventuele import van geschikte rijstrassen, financiering voor boeren, betaalbare rentetarieven, productiemiddelen en landbouwmachines. Volgens Pawiroredjo moet het beleid voor de rijstproductie in Suriname als één geheel worden bekeken. Zonder krediet kan een boer niet investeren, maar zonder water, goed zaaizaad en werkende machines heeft financiering alleen evenmin voldoende effect.
El Niño vergroot noodzaak voor vroege voorbereiding
De bezorgdheid komt op een moment waarop internationale klimaatdiensten waarschuwen voor de invloed van El Niño. De Wereld Meteorologische Organisatie meldde eind juli dat een sterke El Niño zich ontwikkelt en in de periode augustus tot en met oktober 2026 verder kan versterken. De organisatie verwacht wereldwijd bovengemiddelde temperaturen en wijst erop dat de kans op droogte in bepaalde regio’s toeneemt. De Voedsel en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties merkt daarbij op dat El Niño in het noorden van Zuid Amerika historisch vaak samenhangt met minder neerslag.
De regering heeft inmiddels ook aandacht voor de mogelijke effecten van El Niño op andere vitale voorzieningen. President Jennifer Simons voerde eind augustus spoedoverleg met EBS en SWM over mogelijke gevolgen voor elektriciteit en drinkwater. Pawiroredjo vindt dat dezelfde vooruitziende aanpak nodig is voor de landbouw. “Laten we niet hetzelfde verhaal hier komen vertellen als bij EBS. We weten dat die droogte komt”, zei hij. Volgens hem moet de voorbereiding beginnen voordat de situatie acuut wordt.
Pompen, brandstof en zaaizaad moeten vooraf geregeld zijn
De rijstsector heeft de afgelopen jaren zowel droogte als wateroverlast meegemaakt. Beide situaties hebben duidelijk gemaakt hoe belangrijk goed waterbeheer en betrouwbare infrastructuur zijn. In maart meldde Key News nog dat problemen met pompen in Wageningen en Wakay boeren bij wateroverlast in de problemen brachten. Tijdens droogte is diezelfde infrastructuur nodig om voldoende irrigatiewater naar de arealen te krijgen. Voor de rijstproductie in Suriname gaat het daarom niet alleen om hoeveel regen valt, maar ook om de capaciteit om water op het juiste moment te verplaatsen en vast te houden.
Een ander aandachtspunt is de timing van besluiten. Boeren moeten ruim voor de inzaai weten of water beschikbaar zal zijn, welke productiemiddelen zij kunnen aanschaffen en onder welke voorwaarden financiering mogelijk is. Wanneer onderdelen voor pompen, diesel of zaaizaad pas worden geregeld nadat een tekort is ontstaan, kan een deel van het seizoen al verloren zijn. Pawiroredjo wil daarom dat het ministerie vooraf scenario’s uitwerkt voor verschillende niveaus van droogte en duidelijk maakt welke capaciteit onmiddellijk inzetbaar is.
Voor de regering ligt er daarmee een bredere opdracht dan alleen reageren op een waarschuwing uit het parlement. De komende periode zal moeten blijken of er een concreet plan komt voor irrigatie, pompcapaciteit, brandstofvoorziening, zaaizaad, financiering en ondersteuning van producenten. Een goed voorbereide aanpak kan voorkomen dat extreme droogte zich vertaalt in lagere opbrengsten, hogere productiekosten en druk op de lokale rijstprijs. Daarmee raakt de discussie over de rijstproductie in Suriname rechtstreeks aan de vraag hoe het land zijn voedselzekerheid beschermt in een periode van toenemende klimaatschommelingen. Die voorbereiding is ook belangrijk voor producenten die voor ieder nieuw seizoen aanzienlijke investeringen moeten doen.








