De arbeidsovereenkomst waarop voormalig TAS-directeur Wendy Jap-A-Joe zich beroept om haar functie te behouden, is volgens advocaat Gerold Sewcharan in strijd met de wettelijke voorschriften tot stand gekomen en heeft daarom geen rechtskracht.
Sewcharan heeft het Hof voorgehouden dat de vijfjarige benoemingstermijn van Jap-A-Joe op 19 oktober 2026 is verstreken. Daarmee is volgens hem ook haar bevoegdheid om als directeur van de TAS op te treden geëindigd. De advocaat stelt dat de Raad van Commissarissen (RvC) sinds 20 oktober verantwoordelijk is voor het bestuur van de telecomautoriteit.
Het derde en volgens Sewcharan juridisch meest interessante vraagstuk betreft de arbeidsovereenkomst waarop Jap-A-Joe zich beroept. Zij stelt dat deze overeenkomst haar rechten beschermt en dat haar rechtspositie niet automatisch is geëindigd met het verstrijken van de benoemingstermijn.
Wettelijke procedure volgens advocaat niet gevolgd
Sewcharan betoogt dat de arbeidsovereenkomst van 1 november 2021 niet overeenkomstig de Wet Telecommunicatievoorzieningen tot stand is gekomen.
Volgens artikel 4 lid 4 van deze wet moeten de arbeidsvoorwaarden van de directeur worden vastgesteld door de minister van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT), nadat de Raad van Commissarissen is gehoord en voorafgaande goedkeuring van de Raad van Ministers is verkregen.
Volgens de advocaat zijn deze wettelijke voorwaarden bij het sluiten van de overeenkomst met Jap-A-Joe niet nageleefd.
Het document is ondertekend door Jap-A-Joe en de toenmalige president-commissaris van de TAS. Sewcharan stelt dat nergens uit blijkt dat de voltallige RvC is gehoord, de minister bij de totstandkoming betrokken is geweest of de Raad van Ministers goedkeuring heeft verleend.
Op basis hiervan concludeert hij dat de overeenkomst geen juridische grondslag kan vormen voor de voortzetting van haar directeurschap.
Benoemingsresolutie dekte functioneren Jap-A-Joe
Op de vraag of dit betekent dat Jap-A-Joe gedurende de afgelopen vijf jaar zonder rechtsgeldige basis als directeur heeft gefunctioneerd, antwoordde Sewcharan ontkennend.
Volgens hem werd haar functioneren gedurende die periode juridisch gedekt door de presidentiële benoemingsresolutie. Die resolutie bepaalde zowel haar aanstelling als de duur daarvan.
De advocaat bestrijdt ook het standpunt dat een afzonderlijke ontslagresolutie van de president noodzakelijk is om het directeurschap te beëindigen.
Volgens Sewcharan eindigt de benoeming automatisch wanneer de in de resolutie vastgestelde termijn verstrijkt. Een overeenkomst die door een lager orgaan is gesloten, kan volgens hem niet voorbijgaan aan de inhoud van een presidentiële resolutie.
Mocht de president besluiten Jap-A-Joe opnieuw als directeur aan te stellen, dan zou volgens Sewcharan daarvoor een nieuwe benoemingsresolutie nodig zijn, met ingang van 20 oktober 2026.
Rechtspositie blijft onderwerp van geschil
Jap-A-Joe en haar advocaten bestrijden dat het verstrijken van de benoemingstermijn automatisch een einde maakt aan haar contractuele rechten.
In eerste aanleg had zij de rechter gevraagd de bestuursoverdracht en daarmee samenhangende maatregelen op te schorten totdat in een bodemprocedure duidelijkheid over haar rechtspositie zou zijn verkregen.
De kantonrechter wees die vordering op maandag 26 oktober af. Ook werd bepaald dat Jap-A-Joe niet langer namens de TAS mocht handelen en haar bestuurlijke verantwoordelijkheden moest overdragen.
De rechter stelde de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voorlopig buiten werking voor zover die betrekking heeft op de voortzetting van het directeurschap en de daaraan verbonden bevoegdheden na 20 oktober 2026. Over de definitieve rechtsgeldigheid van de overeenkomst moet eventueel in een bodemprocedure worden beslist.
Jap-A-Joe heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. Haar verdediging, onder leiding van advocaat Iris Nazir, wil dat het Hof de eerdere beslissing vernietigt.
Sewcharan verwacht spoedige uitspraak
Sewcharan erkent dat de juridische procedures de werkzaamheden van de TAS bezighouden. Vertegenwoordigers van de autoriteit moeten tijd vrijmaken voor de rechtszaak, terwijl de reguliere werkzaamheden doorgaan.
Desondanks heeft hij vertrouwen in een voor de TAS gunstige uitkomst.
Het hoger beroep wordt behandeld door een kamer van drie rechters van het Hof van Justitie. Sewcharan verwacht dat het Hof op korte termijn uitspraak zal doen.
Het is uiteindelijk aan het Hof om te beoordelen of de beslissing van de kantonrechter in stand blijft, wordt gewijzigd of wordt vernietigd.






